No pictures, zegt onze jonge gids. Hij draagt een zwarte muts tot vlak  boven z’n ogen.  We springen de trein op, en vertrekken voor een onwaarschijnlijke tour: een geleid bezoek aan Dharavi, een sloppenwijk van 1 miljoen mensen, geprangd op 1,7 km2  tussen 2 spoorlijnen en een grote weg. Elke dag groeit hun aantal aan. I work for an NGO, zegt de gids, we teach the children of the slum.  Aan de volgende halte springen nieuwe  reizigers op de trein en wringen zich tussen  de banken. Het went. Plots hoor ik vlakbij het geluid van stromend water, het komt uit de broek van de gast naast mij. ?? Hij haalt z’n hand uit z’n zak: Hello? Het was de ringtone van z’n mobile.  Next station zegt onze gids.  

We komen aan de grauwe constructies met gegolfde daken, en gaan het slum in, een straatje van een halve meter. Onder ons een open riool.  Mannen met allerlei werktuigen passeren ons, vrouwen met kinderen.  Ze verschillen in niets van de vrouwen die ik totnutoe heb gezien hier: helgekleurde saree, hoe ze zo proper kunnen blijven in deze omgeving is me een raadsel. The government gives them 1 hour of running water a day, and 3  hours of electricity, zegt de gids. We moeten even doorgang laten aan een rij jongetjes die nieuwe computertassen naar buiten dragen. Het soort zwarte tas dat we allemaal hebben. They’re making them here, zegt de gids. Cheap.  Come.

Hij loodst ons een ruimte in die uitpuilt van de plastic flessen. Here they cut the plastic in smaller pieces, then they sell it to other people, there. We lopen snel door naar een andere ruimte waar grote waterbakken staan.  Here they make the pieces very small and wash them. Then, come – we kruipen langs een smalle trap het dak op – here they dry the  small plastic chips, and they sell it to other people who melt it en dye it in the colour you want. All this happens in the slum. Then they sell it to a company outside, this company  makes new plastic things.  In sneltreintempo loodst hij ons langs een recyclageruimte voor olievaten, blikken, metaal. De lucht is dik van de rook, de geuren zijn ondefineerbaar maar ongetwijfeld giftig. Who pays these people, vraag ik.  The owner, zegt de gids, he lives outside in a big house. Een hele schaduweconomie draait hier dus: een miljoen belachelijk goedkope arbeidskrachten, niet gehinderd door welke veiligheidsvoorschriften dan ook, in dienst van rijke companies of tussenpersonen. We lopen nu door een ruimte waar tientallen mannen op de grond aan een naaimachine zitten. Het afgewerkte product herken ik, het zijn de hemden die je hier in betere winkels kan kopen. 15 rupees a shirt zegt de gids. In de winkel 500.  Wat verder is er een open ruimte met een groot vuur. Every day hey’re burning their garbage, zegt de gids. Mumbai garbage collectors don’t come here.  Ik zie verschillende kleine bruine beesten wegglippen.

Dharavi is under pressure , this is expensive ground zegt de gids, central Mumbai. Contractors want to develop this land and build offices. And the people, vraag ik. Some will get some square meters in a building, but most of them will be expelled, and create  a new slum in another part of town.    

Later op de dag zie ik ze.  Ze wonen op een stuk laken op de trottoirs, hele families samen.