Het is gebeurd: we hebben  een “permit” aangevraagd. Alles wat we op eigen houtje konden gaan bezoeken hier in de buurt van Lhasa, hebben we bezocht. Maar we willen naar het Westen, en daar is geen openbaar vervoer naartoe. En dus zijn we aangewezen op een jeep, dus op een reisbureau, en die laten ons betalen voor permits. Teveel uiteraard, maar alle reisbureau’s vertellen hetzelfde verhaal. En anders raken we er niet. In Azie is dit 1 van de meest onbereikbare reisbestemmingen – als dat geen uitdaging is. 

We willen een bedevaart ondernemen, een kora van 53 km, rond de allerheiligste berg in dit gebied: Mountain Kailash. In oude hindu-teksten noemen ze hem “de Navel van de Wereld” of “Home of the Gods”  Deze berg houdt de sleutel voor het drainagesysteem van het Tibettaans platteau.  De 4 grootste rivieren uit het Indische subcontinent zouden hier ontspringen: Indus, ganges, Sutlej, Brahmaputra. Tibettanen ondernemen de heilige tocht errond in 1 dag. Wij Westerlingen gaan er 3 dagen over doen, en onderweg overnachten in tempels. In klokwijzerszin uiteraard. Ons hoogste punt: 5640 meter. Als de sneeuw niet te dik ligt, anders komen we terug.  

Morgenvroeg vertrekken we met jeep en chauffeur, het niemandsland in. Dit is ons grootste avontuur totnutoe. Over 14 dagen hopen we opnieuw de bewoonde wereld te bereiken: de Nepalese grens. We zullen allen die dit lezen warm aanbevelen bij de goden.